![]() |
|||
|
Informatie voor roofvogel asielen
Lange tijd hebben we overwogen om voor mensen van deze organisaties informatie beschikbaar te stellen over het effectief uitwilderen- en revalideren van roofvogels- en uilen. Dit omdat er zeer veel meningen de ronde doen, maar desondanks zijn er een aantal zaken waarmee rekening dient te worden gehouden bij het revalideren en uitwilderen van roofvogels- en uilen.
Deze pagina heeft als doel om dergelijke organisaties enigszins op het spoor te zetten van een zo succesvol mogelijke revalidatie van ingebrachte roofvogels- en uilen.
De informatie op deze pagina is gebaseerd op uitgebreide ervaringen met roofvogels- en uilen, alsmede uitgebreide kennis over de leefwijze van deze dieren. Door sommige delen van deze informatie kunt u uzelf als roofvogel asielhouder misschien beledigd voelen. Maar dit is geenszins de opzet van deze pagina. Sommige opmerkingen alhier zijn gebaseerd op reacties en ervaringen die ikzelf (Arthur Mol) heb ervaren. Maar het doel van deze pagina is niet om bepaalde zaken te veroordelen. Het doel is om de bij u aangeleverde asielvogels een betere kans op revalidatie te bieden.
Dierenambulances?
Vervoer de bij u aangemelde roofvogels- en uilen altijd in een donkere ruimte. Dien geen vocht toe en voer geen kattenbrokjes. Het dier heeft vermoedelijk last van stress. De veren van deze vogel kunt u als heilig verklaren. Elke roofvogel of uil die in een tradionele vervoerskist wordt vervoerd loopt het risico de slagpennen te beschadigen en kan na revalidatie daardoor veel moeilijker weer actief jagen. Als vervoerskist kan een kattenkistje worden benut, maar leg er dan een handdoek overheen zodat alles zoveel mogelijk is verduisterd. Dit beperkt het risico dat de vogel zichzelf beschadigd door te trachten te ontsnappen. Vergeet 1 regel niet bij roofvogels;- als het donker is, gebeurt er niets en blijven ze rustig. Dit is ook de reden dat valkeniers hun valken vaak een huifje (kapje) opdoen!
Algemene informatie
De nadruk bij de opvang of revalidatie van wilde roofvogels en uilen moet altijd liggen op een zo succesvol mogelijke revalidatie cq uitwildering. Beheers uzelf dus. Probeer persoonlijk kontakt en persoonlijke bindingen met de vogel in kwestie zoveel mogelijk te vermijden. De vogel in kwestie moet zijn soort blijven en niet gaan denken dat ie ook mens is. Zeer veel problemen kunnen ontstaan doordat wilde roofvogels- en uilen teveel socialiseren doordat ze er misschien als kuiken erg aandoenlijk uit zien. Maar u moet uzelf realiseren dat elk persoonlijk kontakt met de vogel in kwestie, zijn/haar kansen op een succesvol bestaan in de natuur verminderen. Laat de vogels bijvoorbeeld nooit merken dat u voedsel verstrekt. Vermijd elk persoonlijk kontakt. Torenvalkkuikens niet aaien dus, ondanks hoe lief ze eruit zien. Hetzelfde geldt voor alle kuikens die u binnen krijgt. Niet op schoot nemen maar zoveel mogelijk onpersoonlijk behandelen en zoveel mogelijk voedsel toedienen zonder dat de vogel in kwestie een persoonlijke band met de mens krijgt. Uw taak is de vogel in kwestie een goed perspectief in de vrije natuur te bieden en die bereikt u niet door uw emoties te volgen. Evenmin is het een goede zaak om invalide roofvogels- en uilen te bliven houden. Deze dient u te euthaniseren. De wetgeving schrijft dit ook voor. En dit is ook de enige humane oplossing voor vogels die zijn gewend in de vrije natuur te leven, ongeacht de menselijke emoties die u hierbij mogelijk ervaart.
Getrainde/gefokte roofvogels- en uilen
De Nederlandse wetgever maakt het onder bepaalde voorwaarden mogelijk om roofvogels- en uilen in gevangenschap te houden. Dit betekent ook dat u vermoedelijk wel eens een in gevangenschap gefokte vogel binnen krijgt. Hieronder staan een aantal kenmerken hiervan. Deze vogels kunt u herkennen aan o.a.;
- Een naadloos gesloten voetring.
- Schoenriempjes/leren riempjes aan de poten
- Een bel
- Een naamplaatje
- Een roofvogel of uil waarvan u vrijwel zeker weet dat deze niet in NL in het wild voorkomt.
- Een chip. Als u een scanner hebt om gechipte dieren te controleren, pas deze dan ook toe.
In bovenstaande gevallen verdient het aanbeveling de eigenaar van de vogel op te sporen. Hiertoe bestaan diverse mogelijkheden. Falconry Solutions bemiddelt hierin mits noodzakelijk. Houdt u er rekening mee dat u vanaf de dag dat u zo'n vogel in bezit heeft, u aansprakelijk bent voor het welzijn van deze vogel. Bovendien heeft u het bezit van de eigenaar onder u en dient u dus al het mogelijke te doen de eigenaar van deze vogel op te sporen. Geef de vogel nooit zomaar af, zonder dat u een bewijs van herkomst onder ogen hebt gezien. Een bewijs van herkomst kan een zogenaamd CITES document of EU certificaat zijn (o.a. voor inheemse vogels en de meeste valken soorten), een kwekers verklaring (voor uitheemse vogels) of zelfs een sexe bewijs zijn (bijv. een DNA certificaat dat aantoont of de vogel mannelijk of vrouwelijk is). Geef roofvogels- en uilen nooit af zonder bewijzen die het eigendom of de herkomst aantonen!
Volwassen roofvogels en uilen:
Hierbij hoeft u doorgaans niets anders te doen dan de vogels afgezonderd te revalideren totdat ze zijn hersteld van hun mogelijke verwondingen. Ook hierbij is weer van belang om het verenkleed van de vogel in kwestie te beschermen. Plaats de vogels dus nooit in een omgeving waar ze hun veren kunnen beschadigen. Volwassen dieren hebben zichzelf reeds bewezen in de vrije natuur en weten dus hoe ze al deze zaken weer opnieuw kunnen toepassen nadat ze van hun verwondingen zijn hersteld. Accipiters (Havik/Sperwer) vliegen nogal eens tegen ramen aan. Vaak zitten ze er dan wat versuft bij. De methode is dan om deze in een donkere ruimte te laten bijkomen van de klap. Vergelijk het met een hersenschudding. Voor alle roofvogels en uilen geldt dat hun veren heilig zijn. Deze stellen hun in staat om prooien te vangen. Probeer deze vogels dus altijd te huisvesten in een ruimte waar ze hun verenkleed en dan met name de slagpennen en staartpennen, niet kunnen beschadigen. Zijn deze wel beschadigd, probeer dan vliegveren van vergelijkbare vogels aan te zetten. Hiervoor zijn speciale technieken beschikbaar. Mede hiervoor is het ook raadzaam om van dode vergelijkbare vogels de slag- en staartpennen te bewaren. Deze kunnen later eventueel worden benut om bij vogels aan te zetten die nog een overlevingskans hebben maar waarvan de veren te erg zijn beschadigd. Denk hierbij aan vogels die pas worden binnengebracht nadat ze lange(re) tijd als curiositeit in een papegaaienkooi werden gehuistvest.
Indien het noodzakelijk is een roofvogel antibiotica toe te dienen, kijk dan uit met het middel Baytril. Bij sommige valkensoorten kan dit anorexia symtomen veroorzaken indien de dosering niet exact op het gewicht van de vogel wordt afgestemd. Beter is daarom om bij dergelijke vogels (met name de valkensoorten) andere vormen toe te dienen zoals bijv. amoxilline.
Uilskuikens:
Uilskuikens verlaten het nest reeds lange tijd voordat ze vliegvlug zijn. Bij binnenkomst van uilskuikens verdient het dus aanbeveling eerst vast te stellen waar de kuikens precies zijn gevonden. Indien dit binnen de tijd van 24 uur is gebeurd, plaats de kuikens dan zo hoog mogelijk in een boom bij de locatie waar de vogels zijn gevonden (het is dus belangrijk vast te stellen waar de vogels precies zijn gevonden). De oudervogels zullen de kuikens dan weer van voedsel voorzien. Is dit niet mogelijk, zie dan de mogelijkheden tot uitwildering hieronder;-
Roofvogel kuikens, takkelingen en uilskuikens:
Er bestaan diverse methodes om bovenvermelde vogels succesvol uit te wilderen. Op de uilskuikens komen we later. Nu eerst de roofvogels;
Hakvlucht
De hakvlucht methode kan een succesvolle methode zijn om roofvogels uit te wilderen. Concreet bestaat de methode eruit dat de jonge roofvogels (in gevangenschap) op een vaste plaats ergens in een voor hun geschikte biotoop zijn gehuisvest. Nadat de betreffende vogels droog in de pennen zijn en dus kunnen vliegen, wordt de voliere geopend en kunnen ze los worden gelaten. Kern van deze methode is dat ook tijdens de gevangenschap van deze vogels een vaste voederplaats wordt gemaakt waar de vogels hun voedsel ontvangen. Zodra hun verblijf wordt geopend en ze dus de vrije wereld kunnen verkennen wordt nog steeds voedsel verstrekt op deze vaste voederplaats. Hiermee wordt feitelijk een vergelijkbare procedure bereikt met roofvogels die door de ouders zijn groot gebracht. Deze vogels leren in de vrije natuur te jagen maar hebben toch nog steeds de zekerheid van voedsel die door de ouders wordt verstrekt. Zo ook met de hakvlucht methode. Terwijl voedsel beschikbaar is die de vogels op de vaste voederplaats kunnen vinden, kunnen de vogels vlieg- en jachtervaringen opdoen zonder dat ze direkt van de honger omkomen. De Hakvlucht is een beproefde methode voor roofvogels die in gevangenschap zijn gefokt en ons NL spreekwoord "Van de hak op de tak" stamt hier ook uit.
Nadeel is dat een dergelijk uitwilderingsproces als de hakvlucht veelal in anonimiteit dient te geschieden waardoor alleen relatief afgelegen gebieden hiervoor in aanmerking komen. Gebieden waar veel wandelaars zijn of ander publiek zijn hiervoor ongeschikt doordat verstoring zal optreden omdat mensen nieuwsgierig willen blijven kijken totdat de jonge roofvogels hun voedsel komen halen. De methode is dus alleen geschikt als u een relatief rustig gebied hiervoor beschikbaar heeft.
Meer informatie zal z.s.m. volgen ...
Meer informatie of suggesties voor deze pagina?