| BOSUIL (Strix Aluco) |
| Bosuilen zijn er in diverse kleurslagen. Zo zijn er naast de typisch bruin gekleurde exemplaren in donkere en lichtere tinten, ook grijze vogels die qua kleuren veel lijken op de Oeraluil en Laplanduil. Met een grootte van ca. 38 cm is de Bosuil echter aanzienlijk kleiner van formaat.
|
![]() |
![]() |
Opvallend is tevens de ronde kop (zonder
oorpluimpjes) met de grote donkere ogen. Dicht tegen een
boomstam aangedrukt is de Bosuil net als andere
uilensoorten voor een ongeoefend oog haast niet waar te
nemen. Evenals bijna alle andere Nederlandse uilen, is de Bosuil bij ons een standvogel. Hij bewoont het liefst de wat oudere en (loof)bosrijke gebieden, het liefst zo gevariëerd mogelijk. Ook is het een uilensoort die nogal eens in diverse parken en grotere tuinen kan voorkomen. |
Wie denkt dat alle uilen simpelweg "Oe" roepen, komt met name bij de Bosuil zeer bedrogen uit.
| Met name tijdens de baltstijd zijn deze
vogels enorm luidruchtig waarbij ze de meest
angstaanjagende kreten, gejank en gekrijs kunnen laten
horen die menig persoon direct voorgoed uit het bos zou
verjagen. Hij heeft een grote voorkeur voor oude loofbomen en maakt voor zijn nest dan ook graag gebruik van eventuele gaten en nissen die dit soort bomen vaak bevatten.
|
![]() |
Omdat het jammergenoeg nogal eens beleid is om oude en rottende bomen te kappen verdwijnen veel traditionele nestplaatsen voor deze vogel, maar hier kan middels speciale nestkasten dan vaak toch weer voor een alternatief worden gezorgd.
![]() |
Het dieet van de Bosuil is een typisch
uilendieet van voornamelijk muizen. Daarnaast vangt hij ook kleinere vogels, insecten, regenwormen, amfibieën en zelfs vleermuizen. Het lijkt erop dat deze uilensoort zich met zijn prooiselectie beter weet aan te passen wanneer er toevallig eens een slecht aanbod van muizen is. |
Z'n aandacht zal dan worden verlegd naar prooien zoals kleinere vogels die hij vaal tijdens hun slaap verrast.
Mede daarom 'schelden' veel vogels uilen nogal eens uit als zij overdag zitten te slapen.
| De balts van Bosuilen begint soms al in
december en het is al geen uitzondering meer dat men in
februari soms al bewoonde nesten kan vinden waarin de
eerste witte en vrijwel ronde eieren al zijn gelegd. De Bosuil is een typische holenbroeder die bij gebrek aan beter, soms ook wel eens een konijnenhol als nestplaats verkiest. |
![]() |
Daarnaast wordt ook gebruik gemaakt van gaten en nissen in oude gebouwen of verlaten nesten van voornamelijk roofvogels en kraaiachtigen.
Het vrouwtje van de Bosuil legt tussen de 3 en 6 eieren die ongeveer 1 maand worden bebroed.
![]() |
De jongen blijven ca. 20-25 dagen in het
nest, maar gaan dan al vroeg op ontdekking uit in de
takken rondom het nest. Dit is dan ook vaak de tijd dat men 'verlaten jonkies' vindt. Deze zijn dan dus niet verlaten, maar gewoon de wijde wereld alvast aan het verkennen voordat ze definitief kunnen (uit)vliegen. |
De jongen blijven gewoonlijk ca. 3 maanden in het territorium van de ouders voordat ze hun eigen plaats in de natuur gaan opzoeken. Bosuilen sluiten gewoonlijk een huwelijk voor het leven en zoeken pas ingeval van sterfte een andere partner. Ook hun territorium blijven ze het gehele jaar bezetten.
| Het geluid van de Bosuil kunt u hier |
